Stap-voor-stap handleiding voor het meten van de CO2-voetafdruk van je bedrijf

September 19, 2025
10
min leestijd
GHG Scope 1-3 emissions
Explore Coolset's top features and use cases.
Explore

Disclaimer: New EUDR developments - December 2025

In November 2025, the European Parliament and Council backed key changes to the EU Deforestation Regulation (EUDR), including a 12‑month enforcement delay and simplified obligations based on company size and supply chain role.

Key changes proposed:

  • New enforcement timeline: 30 December 2026 for large/medium operators, 30 June 2027 for small/micro operators
  • Simplified DDS: One-time declarations for small and micro primary producers
  • Narrowed scope: Most downstream actors and non‑SME traders would no longer need to submit DDSs
  • New DDS requirement: Estimated annual quantity of regulated products must be included

These updates are not yet legally binding. A final text will be confirmed through trilogue negotiations and formal publication in the EU’s Official Journal. Until then, the current EUDR regulation and deadlines remain in force.

We continue to monitor developments and will update all guidance as the final law is adopted.

Belangrijkste inzichten
  • Een volledige CO2-voetafdruk is de basis voor compliance en rapportage.
  • Het GHG Protocol en ESRS E1 vereisen Scope 1, 2 en 3 met duidelijke grenzen.
  • Scope 3-screening helpt hotspots te vinden en data te verfijnen via leveranciers.
  • Coolset automatiseert voetafdrukberekening met TÜV-methoden en CSRD-workflows.

Elk bedrijf laat een voetafdruk achter. Sommige bedrijven weten hoe groot die is, andere komen er op de harde manier achter. In 2024 rapporteerde 43% van de Europese middelgrote bedrijven aanzienlijke investeringen in decarbonisatie, waarbij meer dan de helft dit al inzet om kosten te besparen en marktaandeel te winnen.

Maar compliance is minstens zo urgent. Met nieuwe EU-regels zoals de CSRD, CBAM en EUDR staan bedrijven onder toenemende druk om duurzaamheidsclaims te onderbouwen met geverifieerde CO2-data, anders riskeren ze boetes, verstoringen in de toeleveringsketen en uitsluiting van belangrijke markten.

En de druk komt niet alleen van toezichthouders: 84% van de consumenten zegt weg te lopen bij merken met slechte milieupraktijken. Het meten van je voetafdruk wordt snel de norm om concurrerend te blijven in Europa.

Waar begin je dan? Deze handleiding legt stap voor stap uit hoe je de CO2-voetafdruk van je bedrijf meet, inclusief Scope 1-, 2- en 3-emissies. We behandelen de basis van het GHG Protocol en ESRS E1, welke data je nodig hebt, en praktische voorbeelden om een voetafdruk op te bouwen die klaar is voor audit en bruikbaar is voor je bedrijf.

Wat houdt het meten van de CO2-voetafdruk van een bedrijf in?

Het meten van een CO2-voetafdruk betekent het berekenen van alle broeikasgasemissies (BKG) die verband houden met je bedrijf, zowel vanuit je eigen activiteiten als over je bredere waardeketen.

Om resultaten consistent en vergelijkbaar te maken, volgen bedrijven doorgaans de GHG Protocol Corporate Standard, die ook de basis vormt voor de nieuwe EU-regels voor ESRS E1 klimaatrapportage. Voor een volledig overzicht van hoe het GHG Protocol werkt en aansluit op CSRD-rapportage, zie onze gids over het GHG Protocol.

Emissies worden ingedeeld in drie categorieën, ook wel scopes genoemd:

  • Scope 1: Directe emissies uit bronnen die je bedrijf bezit of beheert, bijvoorbeeld brandstof verbrand in bedrijfsvoertuigen of ketels op locatie.
  • Scope 2: Indirecte emissies uit de energie die je inkoopt, zoals elektriciteit, stoom, verwarming of koeling.
  • Scope 3: Alle overige indirecte emissies in je waardeketen. Dit is vaak de grootste categorie en omvat onder andere ingekochte goederen en materialen, leveranciersactiviteiten, logistiek, woon-werkverkeer van medewerkers, zakenreizen en zelfs het gebruik en de verwijdering van producten.

Figuur 1. GHG Protocol scopes: Scope 1 (direct), Scope 2 (ingekochte energie), Scope 3 (emissies in de waardeketen).

Waarom is dit belangrijk? Een volledige voetafdruk is de basis voor compliance en actie. Onder de EU CSRD hebben bedrijven geauditeerde emissiedata nodig over alle drie de scopes.

Het Science Based Targets initiative (SBTi) vereist ook een basisvoetafdruk voordat je netto-nuldoelstellingen kunt instellen. En los van compliance zijn de cijfers wat je in staat stelt om emissiehot spots te identificeren, reducties te prioriteren en voortgang bij te houden.

Wat zijn de eerste stappen ter voorbereiding op het meten van de CO2-voetafdruk?

Voordat je emissies berekent, moeten bedrijven duidelijke grenzen stellen. De GHG Protocol Corporate Standard vereist dat organisaties vier kernelementen bepalen:

  • Organisatorische grenzen: kies of je emissies consolideert via de equity share-methode of een van de control-methoden (operationeel of financieel).
  • Operationele grenzen: bepaal welke emissies onder Scope 1, 2 en 3 vallen en welke activiteitencategorieën worden meegenomen.
  • Basisjaar: stel een referentiejaar vast voor het bijhouden van prestaties over tijd, doorgaans het eerste jaar met betrouwbare, volledige data.
  • Herberekeningsbeleid: stel regels op voor wanneer eerdere inventarissen moeten worden aangepast, bijvoorbeeld na overnames, desinvesteringen of grote structurele wijzigingen.

Het is inmiddels ook best practice om afstemming met ESRS E1 (voor CSRD-compliance in de EU) en het SBTi te waarborgen, zodat de verzamelde data bruikbaar is voor zowel regulatoire rapportage als doelstellingen.

Onze gids over het opstellen van je eerste CO2-reductiepan in 5 stappen legt uit hoe je een basisvoetafdruk omzet in concrete doelen en reductiestrategieën.

Hoe meet je Scope 1-emissies stap voor stap?

Scope 1-emissies omvatten directe emissies uit bronnen die je bezit of beheert (zoals ketels, generatoren op locatie, bedrijfsvoertuigen) en vluchtige emissies (zoals lekkages van koelmiddelen).

1. Identificeer directe bronnen

Stationaire verbranding (aardgas, stookolie), mobiele verbranding (bedrijfsauto's, bestelwagens, machines), procesemissies en koelmiddelen (klimaatbeheersing, koeling).

2. Verzamel activiteitsdata

  • Brandstoffen: liters diesel/benzine, kWh of m³ aardgas, liters LPG, enzovoort.
  • Voertuigen: brandstofaankoopregistraties of telematica; vermijd het combineren van kilometerstand met uitgaven tenzij je goede factoren hebt.
  • Koelmiddelen: kg toegevoegd/verwijderd; gebruik de voorraadwijzigingsmethode (beginstand + aankopen min eindstand min retouren).

3. Pas emissiefactoren toe

Gebruik de best beschikbare, actuele factoren inclusief CO₂, CH₄ en N₂O: leveranciersspecifiek indien beschikbaar; anders nationale of gezaghebbende bronnen (zoals UK Government GHG Conversion Factors, IEA, EPA/EEA). Converteer voor koelmiddelen kg x GWP100 naar CO₂e (gebruik de GWP-set die je rapportagekader vereist).

4. Bereken

Voor verbranding:

  • Emissies (kgCO₂e) = Activiteitsdata (bijv. liters verbruikte brandstof, kWh of verbrandde tonnen) x Emissiefactor (kg CO₂e per eenheid activiteit).
  • Voorbeeld: 1.000 liter diesel x 2,68 kg CO₂e/liter = 2.680 kg CO₂e (op basis van een gangbare nationale factor; gebruik altijd de actuele factor voor jouw land/leverancier).

Voor koelmiddelen:

  • Emissies (kgCO₂e) = Massa gelekt koelmiddel (kg) x Global Warming Potential (GWP100) van het koelmiddel.
  • Voorbeeld: 10 kg R-410A x 2.088 (GWP100) = 20.880 kg CO₂e (op basis van een gangbare nationale factor; gebruik altijd de actuele factor voor jouw land/leverancier).

5. Documenteer voor audit

Leg databronnen, factorbronnen en -jaar, eenheidsconversies en aannames vast. Bewaar meter- en factuurextracten en onderhoudslogboeken.

Hoe meet je Scope 2-emissies?

Scope 2-emissies omvatten indirecte emissies uit ingekochte energie: voornamelijk elektriciteit, stoom, verwarming en koeling die je activiteiten verbruiken. Onder de GHG Protocol Scope 2 Guidance moeten bedrijven emissies rapporteren via twee methoden:

  • Locatiegebaseerd: past de gemiddelde netwerksemissiefactor toe voor de regio waar de energie wordt verbruikt.
  • Marktgebaseerd: gebruikt leveranciersspecifieke data, zoals contracten voor hernieuwbare energie of certificaten (bijv. Garanties van Oorsprong in de EU, RECs in de VS).

Scope 2 stap voor stap meten:

  1. Verzamel energierekeningen of gemeten data voor verbruikte elektriciteit, stoom, warmte of koeling.
  2. Pas zowel locatiegebaseerde als marktgebaseerde emissiefactoren toe op de activiteitsdata.
  3. Rapporteer beide resultaten zoals vereist door het GHG Protocol, met duidelijke documentatie van bronnen.

Voor bedrijven die net beginnen, biedt locatiegebaseerde data een betrouwbare basis, terwijl marktgebaseerde rapportage helpt de impact van inkoop van hernieuwbare energie aan te tonen. Meer over praktische meetmethoden lees je in onze gids over het meten van CO2-emissies voor bedrijven.

Hoe meet je Scope 3-emissies?

Scope 3-emissies zijn alle indirecte emissies in de waardeketen van een bedrijf. Het GHG Protocol verdeelt deze in 15 categorieën, van ingekochte goederen en diensten tot zakenreizen, logistiek, investeringen en afvalverwerking (zie Figuur 1 hierboven).

Voor de meeste organisaties vormen deze emissies verreweg het grootste deel van de voetafdruk. McKinsey schat dat ze doorgaans zo'n 90% van de totale emissies uitmaken.

Het proces is waar het meeste werk in een Scope 3-beoordeling zit. Volgens het GHG Protocol verloopt het doorgaans in vier stappen:

1. Breng categorieën in kaart

Bekijk alle 15 Scope 3-categorieën en bepaal welke relevant zijn voor jouw bedrijf. Materialiteit hangt af van branche, bedrijfsmodel en rapportagedoelen. Fabrikanten richten zich bijvoorbeeld vaak op ingekochte goederen, logistiek en end-of-life, terwijl financiële instellingen zich richten op gefinancierde emissies.

2. Maak een eerste schatting

Voer een globale screening uit met minder specifieke data, zoals op uitgaven gebaseerde economische input-output (EEIO) factoren. Dit helpt hotspots te vinden en emissies per categorie te schatten. Het doel is niet precisie maar richting: welke categorieën zijn waarschijnlijk de grootste bijdragers, vormen risico's of zijn het meest relevant voor stakeholders.

3. Betrek leveranciers en verfijn data

Vervang voor prioriteitscategorieën generieke schattingen door primaire data. Dit omvat:

  • Het opvragen van leveranciersspecifieke cradle-to-gate emissiefactoren en levenscyclusanalyses.
  • Het gebruik van vragenlijsten of portals om consistente data te verzamelen, inclusief methodologie en assurance-details.
  • Het combineren van leveranciersdata met secundaire data waar nodig, en het bijhouden van de verhouding primaire versus secundaire invoer.

Leveranciersbetrokkenheid is vaak de meest arbeidsintensieve stap, maar ook de meest waardevolle.

4. Prioriteer en verbeter over tijd

Focus eerst op de grootste en meest materiële categorieën. Verfijn dekking en datakwaliteit geleidelijk door nauwkeurigere methoden toe te passen op grote uitstoters, risicovolle activiteiten of gebieden die gevoelig liggen bij stakeholders. Het proces is iteratief: bedrijven beginnen doorgaans met data van lagere kwaliteit en verbeteren naarmate leveranciers en systemen volwassener worden.

Onze gids over de 4 grootste uitdagingen bij het meten van Scope 3-emissies beschrijft veelgemaakte fouten, en we leggen uit waarom je grootste klanten nu verwachten dat je Scope 3-emissies rapporteert als je de groeiende businesscase wilt begrijpen.

Welke datakwaliteitscontroles zijn essentieel?

CO2-boekhouding is alleen zo sterk als de onderliggende data. Om te zorgen dat je voetafdruk betrouwbaar en auditklaar is, moeten bedrijven drie dingen controleren:

  • Hiërarchie van activiteitsdata: gebruik waar mogelijk primaire data (zoals directe leveranciersdata of gemeten verbruik) in plaats van secundaire data zoals branchegemiddelden of op uitgaven gebaseerde schattingen.
  • Actualiteit van emissiefactoren: pas de meest recente factoren toe van erkende bronnen (zoals overheidsinstanties, IEA, EPA of EEA) en zorg dat ze overeenkomen met het rapportagejaar.
  • Documentatie: koppel elke berekening aan de databron en bewaar registraties van aannames, eenheidsconversies en emissiefactorreferenties voor transparantie.

Voor een diepgaande blik op het voorbereiden van datasets die auditors accepteren, zie onze gids over het voorbereiden van je financiële data voor CO2-boekhouding.

Hoe gebruiken bedrijven resultaten om doelen te stellen en reducties te beheren?

Emissies meten is slechts het beginpunt. Zodra je een volledige inventaris hebt, vormt die de basis voor het stellen van doelen en het bijhouden van voortgang:

  • Vertaal resultaten naar doelen: gebruik je voetafdruk om korte- en langetermijndoelen te stellen die aansluiten bij het SBTi of netto-nulpaden.
  • Betrek leveranciers: de meeste emissies zitten in Scope 3, dus echte reducties vereisen samenwerking in de waardeketen. Leveranciersbetrokkenheid kan zich richten op materiële categorieën zoals ingekochte goederen, logistiek of kapitaalgoederen.
  • Monitor voortgang: vergelijk de resultaten van elk jaar met je basisjaar om te zien of je op koers ligt. Verwerk dit in de jaarlijkse rapportage en gebruik inzichten om je reductiestrategie te verfijnen.

Voor meer over de stap van meten naar actie, zie onze gids over meer tijd besteden aan CO2-reductie (en minder aan dataproblemen), en verken negen praktische decarbonisatiemethoden om emissies in de toeleveringsketen te verminderen.

Hoe kunnen tools zoals Coolset het meten van de CO2-voetafdruk vereenvoudigen?

Voor veel bedrijven worden handmatige dataverzameling en spreadsheets snel onbeheersbaar, zeker zodra Scope 3-categorieën en leveranciersdata erbij komen.

Platforms zoals Coolset stroomlijnen het proces door het combineren van:

  • TÜV-gecertificeerde methodologie voor Scope 1 t/m 3, zodat resultaten voldoen aan erkende standaarden.
  • Dataverzameling en automatisering op leveranciersniveau, waardoor de afhankelijkheid van schattingen afneemt en dataverzameling sneller gaat.
  • CSRD- en ESRS-klare workflows met audittrails, zodat outputs aansluiten op EU-rapportagevereisten en verifieerbaar zijn door auditors.

Vraag een gratis demo aan om te zien hoe Coolset het meten van je CO2-voetafdruk vereenvoudigt.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen Scope 1-, 2- en 3-emissies?

Scope 1 omvat directe emissies uit bronnen die een bedrijf bezit of beheert, zoals brandstof verbrand in voertuigen of ketels. Scope 2 verwijst naar indirecte emissies uit ingekochte energie zoals elektriciteit, stoom, verwarming of koeling.

Scope 3 omvat alle overige indirecte emissies in de waardeketen, van ingekochte goederen en logistiek tot woon-werkverkeer van medewerkers en de verwijdering van producten.

Welke standaarden moeten bedrijven volgen bij het meten van CO2-voetafdrukken?

De GHG Protocol Corporate Standard is de wereldwijde benchmark voor het definiëren en berekenen van emissies. In Europa moeten bedrijven die onder de CSRD vallen ook aansluiten bij ESRS E1, terwijl bedrijven die netto-nul- of kortetermijndoelen stellen vaak het SBTi gebruiken voor geloofwaardigheid. Het volgen van deze kaders zorgt voor consistentie, vergelijkbaarheid en compliance.

Hoe kunnen kleine bedrijven beginnen zonder grote budgetten?

Kleinere bedrijven kunnen starten met eenvoudige methoden, zoals het gebruik van activiteitsdata (bijv. brandstofverbruik of energierekeningen) voor Scope 1 en 2, en op uitgaven gebaseerde schattingen voor Scope 3. Dit levert een eerste voetafdruk op die in de loop van de tijd verbeterd kan worden naarmate nauwkeurigere data beschikbaar komt. Klein beginnen is beter dan wachten op perfecte data.

Hoe vaak moet een bedrijf zijn CO2-voetafdruk herberekenen?

Bedrijven moeten hun voetafdruk minimaal jaarlijks herberekenen om jaar-op-jaar voortgang bij te houden. Een herberekening is ook nodig bij significante organisatorische veranderingen, zoals overnames, desinvesteringen of grote operationele wijzigingen. Dit zorgt ervoor dat de basis nauwkeurig en vergelijkbaar blijft.

Welke rol speelt leveranciersdata bij het meten van Scope 3?

Leveranciersspecifieke data is cruciaal voor het verbeteren van de nauwkeurigheid van Scope 3-rapportage, met name in categorieën zoals ingekochte goederen en logistiek waar generieke factoren vertekende resultaten kunnen geven.

Door leveranciers rechtstreeks te betrekken, kunnen bedrijven verder gaan dan schattingen en de werkelijke impact van hun toeleveringsketen vastleggen. Deze samenwerking helpt op termijn emissies in de waardeketen te verminderen.

Webinar: Carbon accounting 101

Krijg praktische methoden die je direct kunt toepassen

Zie Coolset in actie
Ontdek de belangrijkste functies en gebruiksmogelijkheden van Coolset.
Demo wordt niet ondersteund
op mobiele schermen
Kom alsjeblieft terug op een groter scherm
om deze demo te ervaren.
Dit is een voorbeeldvenster. Klik hieronder om de demo in een groter formaat te zien.
Alle producttours bekijken
See product tour
See product tour
See product tour
See product tour
See product tour

↘ Instantly calculate your CBAM cost impact

Use the free calculator to estimate your Carbon Border Adjustment Mechanism costs for any imported goods. Select your product type, volume and country of origin to see projected CBAM charges and understand how upcoming EU rules will shape your import costs and savings through 2034.

↘ Check if your documentation meets PPWR requirements

This free compliance checker scans your packaging documentation and maps it against mandatory PPWR data requirements, giving you a clear view of your compliance status. Get actionable insights on documentation gaps before they become compliance issues.

Krijg nauwkeurige scope 3-inzichten met Coolset

Vraag onze sustainability-experts hoe je financiële data integreert in ons platform.

Het toonaangevende ESG-managementplatform voor mid-market enterprises